PAVIA- SAN SEBASTIANO CURONE

 

Het is zaterdag 28 augustus 2004 en wij worden om 2.40 uur thuis opgehaald door een taxibusje om naar Schiphol gebracht te worden. Deze keer gaan wij niet met de trein naar het punt waar wij vorige keer zijn geëindigd maar met het vliegtuig naar Milaan. Vanuit Milaan gaan wij per trein naar Pavia. De reis ging voorspoedig, we vertrokken om 6.55 uur vanaf Schiphol met een toestel van Transavia en vervolgens per bus vanaf de luchthaven naar het station in Milaan. Vandaar uit gingen wij per trein naar Pavia waar wij om 11.35 aankwamen. We besloten alvast een stuk te gaan lopen en zien wel hoe ver wij komen.

 

Dag 1, zaterdag 28 augustus 2004, Pavia-Sannazzaro

 

Na enige tijd lopen komen wij bij de brug over de Po waar wij vorige keer zijn geëindigd. We lopen door de bebouwde kom van Pavia richting San Martino Siccomario met de hoop aanduidingen te vinden van de E1, maar helaas niets daarvan. Met behulp van onze GPS en een gebrekkige kaart lopen wij in ieder geval de goede richting op. Eenmaal buiten Pavia gekomen lopend langs de weg komen een partij bomen tegen waar wij even konden rusten. Er was geen wolkje aan de lucht en het was immers bloedheet. Op die plaats onder de bomen stonden immers ook een paar Afrikaanse dames in de schaduw. Al gauw gaven zij aan dat onze aanwezigheid niet op prijs werd gesteld. Zij vroegen ons wat verder in het bos te gaan zitten. Het werd mij al snel duidelijk dat deze dames niet van wandelen hield maar bezig waren een boterham te verdienen. Onze aanwezigheid joeg de langsrijdende mannen weg. Wij hebben de rustpauze dan ook maar erg kort gehouden.

Na enige dorpjes te zijn gepasseerd kwamen wij na 26 km gelopen te hebben in Sannazzaro. Dat was niet slecht voor een zaterdag middag, maar het was vlak. Volgens onze GPS liepen wij gemiddeld 5.2 km per uur. Het enige hotelletje wat wij in Sannazzaro vonden was een drie sterren hotel. Ik weet niet waarvoor  ze in Italië een ster krijgen, maar ik vond het een varkenshok, maar er was niets anders, dus niet zuren. Na een douche te hebben genomen een lekker biertje. De maaltijd die ons werd voorgeschoteld was bijzonder slecht, was dit een voorbode voor de komende weken?

 

Omère

 

Dag 2, zondag 29 augustus 2004, Sannazzaro-Tortona

 

Na een goede nachtrust en een schamel ontbijt vertrokken we om 8.15 uur. Weer veel langs drukke wegen gelopen maar het was te doen, het was immers zondag. Nog steeds geen E1 bordjes gezien, of toch een verlaten bordje op een oude muur. We zitten dus goed.

 

W-133

 

We lopen in de zinderende hitte over asfalt wegen, geen droge draad meer aan het lijf. We lopen van dorp naar dorp en tot slot naar een klein stadje. In Tortona aangekomen, geen hotel open. Tenslotte hebben wij ons per taxi naar het dichts bijzijnde hotel laten brengen. De eerste was ook dicht maar tenslotte vindt hij er een welke open is. Dit hotel ziet er goed uit, weer eerst douchen en een pilsje. Mijn dag kan niet meer kapot.

 

Trudy

 

Dag 3, maandag 30 augustus 2004, Tortona-Momperone

 

Ik denk dat we eens moeten gaan nadenken over een tropenrooster. De koperen ploert staat hoog aan de hemel en kaatst terug via het zwarte asfalt waar wij continu op lopen. Er zijn geen wandelpaden te vinden en het landschap is open met stevige beklimmingen inmiddels. De temperatuurmeter in een dorpje geeft 32 graden aan maar de gevoelstemperatuur is wel 50 graden. We stijgen inmiddels 385 meter en dat is bijzonder zwaar in deze omstandigheden. Bedenk wel dat ik 14 kg op mijn rug sjouw. Aan mijn doorzettingsvermogen mankeert niets, maar mijn lichaam laat het afweten. Op de top konden wij niet meer, even eten en lang rusten. Eenmaal afgedaald richting Momperone vroegen wij bij een bewoner naar een hotel, het antwoord was “quatro km”. Wij vroegen om wat water en hij bood ons aan even binnen te de garage te komen waar hij ons zelfgemaakte wijn aanbood. Alcohol zat er volgens mij niet in. Dat was heerlijk na zo’n beklimming. Na die “quatro km” kwamen wij in Momperone aan en geen hotel. Aan een paar bewoners ter plaatse vroegen wij of zij een of andere slaapplaats en wat te eten wisten, maar het antwoord was geen van beide. Na enig aandringen gingen zij wat rondbellen. Na enige tijd wisten zij een appartementje ongeveer 7 km de bergen in. Na herhaald verzoek was een van hen onder protest bereid ons er heen te brengen.

 

W-134

 

Bij het appartement was geen eigenaar aanwezig en er was geen eten. Na even zoeken vonden wij een achtergebleven bewoner van een van de appartementen die voor ons de eigenaar belde. We kregen een appartement aangeboden voor € 80,-- per nacht. Niet niks maar we konden slapen en douchen. Bij controle van de aanwezige papieren in het appartement zagen wij dat de huur per week € 100,-- was, dus lekker getild. Nu nog eten? Je moet wat, dus even bij die achtergebleven bewoner op de bedel. Daar was inmiddels een Australiër die nu in Italië woonde op bezoek. Hij bood ons aan om ons naar een restaurantje te brengen, dan konden wij eten en hij zou dan wel even een borreltje nemen tot wij klaar waren. Hij ging even naar huis om rond halfacht terug te keren. En inderdaad hij samen met zijn vrouw kwamen terug. Ze hadden eten voor het ontbijt van morgen meegenomen. Dat was aardig van die Australische mensen. Zij nodigden ons samen met die andere bewoner uit om gezamenlijk wat te gaan eten. Het restaurantje was wel erg ver weg, zo’n 35 km anders was er niets. Het eten wat er zeer karig, daar kun je alleen van leven als je totaal geen inspanningen hoeft te leveren. We gingen een rustige nacht in. De volgende ochtend gevraagd aan onze achtergebleven bewoners om ons terug te brengen naar Momperone om het pad op te pakken. Het antwoord was nee en daarmee konden wij het doen.

 

Omère

 

Dag 4, dinsdag 31 augustus 2004, Momperone-San Sebastiano Curone

 

Deze dag begonnen wij met lopen vanuit het appartement in de bergen naar Momperone zo’n 7 km extra. Na anderhalf uur waren wij weer op de route en nu maar weer de bergen in. De wegen waren lang, stijl en zonder beschutting op het zwarte asfalt. Al snel steeg de temperatuur naar de 32 graden. Het water gutste van onze lijven. In alle dorpen die wij de laatste zijn gepasseerd was geen eten te koop. Gelukkig hadden wij nog wat eten over gehouden van ons Australische ontbijt. Voor de rest leefde we van de druiven en bramen langs de weg. Na lang lopen kwamen wij in de middag bij een punt wat een toeristische uitzicht moest zijn, dus hoog. Er zou een restaurantje zijn maar de eigenaar stond voor de deur en deed het dicht met de mededeling dat ze gesloten zijn. Waar heb ik dat meer gehoord? Wij vroegen dan even of wij op het bankje in de schaduw mochten uitrusten. Het antwoord was nee, wel daar in de zon. Wie haalt dit in zijn hoofd, we gingen toch in de schaduw zetten toen zij vertrok. Op het bankje aten wij de schamele resten van ons voedsel op, droog brood en wat vlees uit een blikje. Omère kon deze droge boterham onmogelijk naar binnen krijgen, hij had geen speeksel meer in zijn mond.

Volgens mij had Omère last van uitdrogingsverschijnselen, want al het water wat hij dronk zweten hij onmiddellijk uit. Als je de hele dag niet meer plast en een uitgedroogde mond heeft terwijl je toch goed drinkt gaat het niet goed. Op het bankje zittende en de kaart bestuderend waren wij het snel eens dat het gebied dat wij in gingen steeds slechter werd met beklimmingen naar 1700 meter. Dit kun je niet doen onder deze temperaturen en een gebrek aan eten. De dorpen waar wij de komende week langs kwamen waren net zo groot of zelfs kleiner als die van afgelopen dagen. De vooruitzichten waren ondanks het te goede weer slecht.

Wij vroegen ons dan ook af; lopen wij nu omdat wij het leuk vinden of lopen wij het nu omdat het van ons wordt verwacht dat wij lopend Rome halen. De conclusie was in ieder geval dat wij het zo niet leuk meer vonden, wat een ander van ons verwacht is minder belangrijk. Wij hebben dan ook besloten een einde te maken aan deze voetreis.

 

Commentaar mag iedereen leveren die verder is gekomen dan van Pieterburen naar San Sebastiano Curone zo’n 2300 km zonder stukken te liften, trein of andere hulpmiddelen te gebruiken, maar echt alles met volle bepakking lopen via pelgrimspaden.

Trudy / Omère